MijnFintool

Nieuws

Box 3-verdeling mag na massaal bezwaar alsnog worden aangepast

Rechtbank Den Haag heeft de eerdere lijn van de Hoge Raad toegepast: fiscale partners kunnen de onderlinge verdeling van de gezamenlijke box 3-grondslag alsnog wijzigen als de aanslag onherroepelijk is geworden door een collectieve uitspraak op bezwaar in de massaalbezwaarprocedure. Dat kan tot zes weken nadat de inspecteur de aanslag ter uitvoering van die collectieve uitspraak heeft verminderd.

In de zaak ging het om de IB/PVV 2017. De man en zijn partner hadden een gezamenlijke grondslag sparen en beleggen van ruim € 514.000. Aanvankelijk werd daarvan ruim € 291.000 aan de man toegerekend. Zijn partneraanslag stond al op 7 mei 2018 onherroepelijk vast. De man maakte bezwaar tegen zijn aanslag; het individuele deel trok hij later in, waarna het resterende bezwaar meeliep in de massaalbezwaarprocedure box 3 voor 2017. Na de collectieve uitspraak van 4 februari 2022 ontving hij een verminderingsbeschikking rechtsherstel box 3 met dagtekening 21 juli 2022. Direct daarna vroegen de partners om de verdeling aan te passen: € 49.330 aan de man en € 465.507 aan de partner. De inspecteur wees dat verzoek aanvankelijk af.

De rechtsvraag was of artikel 2.17, vierde lid, Wet IB 2001 nog ruimte bood voor wijziging van de partnerverdeling, hoewel de aanslag van de partner al onherroepelijk vaststond en de aanslag van de man door de collectieve uitspraak eveneens onherroepelijk was geworden. De Hoge Raad beantwoordde die prejudiciële vraag op 27 maart 2026 bevestigend. Volgens de Hoge Raad brengt een redelijke wetstoepassing mee dat belastingplichtigen in een massaalbezwaarprocedure niet slechter mogen uitkomen dan belastingplichtigen bij wie de gevolgen van een individuele procedure pas later duidelijk worden.

De praktische termijn is daarbij scherp afgebakend. De wijziging kan tot zes weken nadat de inspecteur de aanslag vermindert op grond van artikel 25e, vierde lid, AWR ter uitwerking van de collectieve uitspraak. Een later verzoek om ambtshalve vermindering opent deze mogelijkheid niet opnieuw.

Na de prejudiciële beslissing stelde de inspecteur zich alsnog op het standpunt dat de aangepaste verdeling kon worden gevolgd. Rechtbank Den Haag verklaarde het beroep daarom gegrond. De aanslag IB/PVV 2017 van de man moet worden verminderd, rekening houdend met een aandeel in de grondslag sparen en beleggen van € 49.330. De inspecteur moet ook het griffierecht van € 50 vergoeden.

Belang voor de adviespraktijk
Deze uitspraak is vooral relevant voor fiscale partners bij wie box 3-rechtsherstel is verleend na massaal bezwaar. De verdeling van de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen kan bij rechtsherstel materieel veel uitmaken, omdat het rechtsherstel wordt berekend over de gezamenlijke grondslag en vervolgens doorwerkt naar de aan ieder toegerekende grondslag.

De uitspraak betekent niet dat iedere oude box 3-verdeling alsnog vrij kan worden opengebroken. De Hoge Raad heeft een beperkte herstelroute gegeven voor de situatie waarin de aanslag onherroepelijk wordt door de collectieve uitspraak, terwijl de cijfermatige gevolgen pas zichtbaar worden bij de individuele vermindering. De adviseur moet dus vooral letten op de datum van de verminderingsbeschikking en de zeswekentermijn daarna.

Ook moet onderscheid worden gemaakt met situaties van navordering of correctie van te veel verleend rechtsherstel. In een eerder Fintool-artikel over het geactualiseerde kennisgroepstandpunt is juist benadrukt dat bij navordering geen nieuwe toedeling kan worden gekozen als de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen zelf niet wijzigt. De prejudiciële beslissing van 27 maart 2026 wijzigt dat volgens de Kennisgroep niet, omdat die beslissing specifiek ziet op de bijzondere massaalbezwaarsituatie.

Lees ook
De bredere box 3-hersteloperatie loopt nog jaren door. Fintool schreef eerder dat de Belastingdienst tot 8 juni 2026 al 804.411 OWR-formulieren had ontvangen en dat de afhandeling doorloopt richting 2030. Voor de praktijk blijft daarom niet alleen de vraag van het werkelijke rendement relevant, maar ook de formele vraag wie tijdig bezwaar maakte, welke aanslag nog openstaat en of een verdeling nog binnen de juiste termijn kan worden aangepast.

Bron: Rechtspraak

Modules & dossiers

Opvoerdatum

24 aug 2026

Laatst gewijzigd

25 aug 2026

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Graag eerst inloggen om deze pagina te bekijken.

Professionele onderbouwing van jouw klantdossier

Combineer de snelheid van onze specifiek op Nederlandse wet- en regelgeving getrainde AI met de diepgaande expertise van vakspecialisten. Fintool biedt de zekerheid van een altijd vakkundig onderbouwd dossier.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2026. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1